Effectief in middelen, consequent in doelen, deel 2: de doelen

Zie hier voor deel 1: de middelen

“Effectief in middelen, consequent in doelen.” Dat zou de slogan kunnen zijn van een rationele ethiek. Maar net zoals er optische illusies bestaan en onze zintuigen daarom niet altijd te vertrouwen zijn, zo bestaan er morele illusies en spontane denkfouten waardoor er irrationele elementen in onze ethiek sluipen. Dan kiezen we middelen die niet doeltreffend zijn en kiezen we doelen die inconsistent en willekeurig zijn. In dit tweede deel volgt een lijst van spontane denkfouten en morele illusies die relevant zijn in de ethiek, in het bijzonder bij de bepaling van consequente doelen. Dat zijn doelen die welgeordend, helder en niet-willekeurig zijn.

Welgeordende doelen

Doelen die niet welgeordend zijn, zijn niet rationeel. Dat is het geval wanneer A beter is dan B en tegelijk A niet beter is dan B.

Intransitiviteit

Sommige morele illusies zorgen ervoor dat voorkeuren intransitief worden: de eigenschap dat A beter is dan B, B beter is dan C maar C toch beter is dan A.

Het probleem van de zelfmartelaar: stel je hebt een toestel op je arm dat je niet kunt verwijderen en dat een elektrische stroom genereert, gaande van pijnniveau 0 (geen stroom en geen pijn) tot pijnniveau 1000 (gigantische pijn). Je start bij niveau 0. Als je de stroom en dus het pijnniveau verhoogt, krijg je geld, maar je kunt het pijnniveau nooit meer verlagen. Nog voor geen 100.000 euro zou je het pijnniveau verhogen tot 1000 voor de rest van je leven. Maar elke dag kun je het niveau verhogen met 1 eenheid, in ruil voor 100 euro. Pijnniveau 1 is heel draaglijk voor de rest van je leven, dus je kiest dit niveau in ruil voor de 100 euro. De volgende dag kies je niveau 2, enzovoort. Na 100 dagen zit je op niveau 100, wat reeds redelijk pijnlijk is. Maar het verschil in pijn tussen niveau 101 en 100 is verwaarloosbaar. Als je toch al voor de rest van je leven pijnniveau 100 voelt, kun je evengoed het niveau verhogen tot 101 in ruil voor een extra 100 euro. Na 1000 dagen eindig je met het extreme pijnniveau 1000 en 100.000 euro op zak, maar deze eindtoestand is niet wat je initieel verkoos. Dit probleem van de zelfmartelaar komen we veel tegen bij bv. stoppen met roken (het risico op kanker verhoogt slechts een verwaarloosbaar klein beetje met die ene sigaret, terwijl het genot van die ene sigaret wel duidelijk is – dus men rookt nog één sigaret… en nog één…), onduurzame economische groei (de extra groei deze maand zal niet waarneembaar resulteren in een verhoogde uitsterven van soorten of extra klimaatopwarming, terwijl de korte termijn voordelen van die groei wel voelbaar zijn – dus men gaat nog één maand door met groeien… en nog één…), de wegeninfrastructuur (een nieuwe weg aanleggen, en dan nog één,… tot alles vol staat), files (één extra auto op de weg maakt geen waarneembaar verschil, dus komt er één auto bij, en nog één,…). Om intransitiviteit te vermijden, moet er ergens in de reeks van stappen een optimum zijn waar men moet stoppen. http://www.colorado.edu/philosophy/heathwood/6100/Quinn%20-%20The%20Puzzle%20of%20the%20Self-Torturer.pdf

Temkin’s intransitiviteit: een situatie waarin één persoon veel lijdt is beter dan een situatie waarin twee personen veel lijden, maar ietsje minder lijden dan de ene persoon in de eerste situatie. Die tweede situatie is dan weer beter dan een derde situatie waarin drie personen lijden, maar waarbij het leed slechts een klein beetje minder is dan het leed van een persoon in de tweede situatie. Zo kunnen we verder gaan tot de duizendste situatie waarbij duizend personen nog slechts een heel klein beetje lijden. Dit zou dan de ergste situatie zijn. Er is sprake van intransitiviteit als onze intuïtie zegt dat deze laatste situatie niet de ergste is. Deze intransitiviteit zorgt voor irrationele voorkeuren bij het verdelen van welzijn over meerdere personen. https://en.wikipedia.org/wiki/Larry_Temkin

De venijnige conclusie (repugnant conclusion): stel een wereld voor met 1 miljard personen die maximaal gelukkig zijn en welzijnsniveau 10 hebben. In deze wereld komen er 1 miljard zeer gelukkige personen bij die een hoog welzijnsniveau van 8 hebben. Als men vindt dat deze tweede situatie even goed of beter is dan de eerste situatie met enkel 1 miljard personen van welzijn 100, dan riskeert men uit te komen op een venijnige conclusie. In een derde situatie wordt het welzijn van de 2 miljard personen gelijk verdeeld, dus iedereen krijgt welzijnsniveau 9. Deze situatie is beter dan de tweede, want er is een gelijke verdeling terwijl het totale welzijn hetzelfde blijft. In een vierde situatie wordt de bevolking opnieuw verdubbeld: er komen nog eens 2 miljard personen bij die welzijn 7 hebben. In de vijfde stap krijgen alle 4 miljard personen hetzelfde gemiddelde welzijn 8. Bij de zesde stap is er opnieuw een verdubbeling van de bevolking waarna het welzijn opnieuw gelijk wordt verdeeld over de 8 miljard personen. Enzovoort. Uiteindelijk bekomt men een situatie waarbij 1000 miljard personen leven die elk een zeer laag welzijn hebben net boven 0 (hun levens zijn het nog net waard om geleefd te worden). Deze ‘overbevolkte’ wereld zou dan de beste situatie moeten zijn. Als men deze conclusie niet aanvaardt, dan zijn de voorkeuren niet transitief. De populatie-ethiek houdt zich bezig met de vraag welke situatie de beste is als niet enkel het welzijn van een persoon kan variëren maar als ook het aantal personen kan variëren. Intransitiviteit in de populatie-ethiek zorgt voor irrationele voorkeuren over bv. de optimale bevolkingsomvang. http://plato.stanford.edu/entries/repugnant-conclusion/

Oordelen over de toekomst

Cognitieve denkfouten kunnen leiden tot inconsistente voorkeuren over toekomstige situaties.

Tijdsinconsistentie (dynamic inconsistency, hyperbolic discounting, present bias): een situatie waarbij iemands voorkeuren doorheen de tijd veranderen zodanig dat voorkeuren inconsistent kunnen worden op een ander tijdstip. Dit kan worden begrepen alsof een persoon uit verschillende ‘momentane zelven’ bestaat waarbij elk momentaan zelf bepaalde voorkeuren heeft maar verschillende momentane zelven op verschillende tijdstippen onderling inconsistente voorkeuren hebben. Stel bijvoorbeeld dat je de keuze hebt tussen het krijgen van 10 euro vandaag of 20 euro volgend jaar. Stel dat je de 10 euro zou kiezen. Als je deze keuze 10 jaar geleden voorgeschoteld kreeg (“stel je krijgt 10 euro over 10 jaar of 20 euro over 11 jaar”), dan heb je tijdsinconsistente voorkeuren als je 10 jaar geleden zou gekozen hebben voor de grotere beloning van 20 euro. Dergelijke tijdsinconsistenties spelen een rol bij bv. uitstelgedrag, verslavingen en economische beslissingen over de toekomst. https://en.wikipedia.org/wiki/Dynamic_inconsistency

Heldere doelen

Om op een rationele wijze doelen consequent na te kunnen streven, moeten die doelen helder geformuleerd kunnen worden. Vage doelen zijn niet geschikt, want die zijn op vele tegenstrijdige manieren te interpreteren.

Morele walging (moral disgust): het gevoel van walging waardoor men spontaan oordeelt dat een onschadelijke handeling immoreel is zonder daar een goede reden voor te kunnen geven. Voorbeelden die morele walging kunnen oproepen, zijn: onschadelijke incest tussen broer en zus (eenmalig, zonder dat iemand het weet, veilig, zonder risico op zwangerschap, met wederzijdse instemming en aangenaam voor broer en zus), homoseksualiteit, masturberen, het eten van kadavers of van je overleden huisdier, het verkopen van borstvoedingkaas, het dragen van Hitlers kostuum,… Bij de vraag waarom die handelingen immoreel zijn, antwoord men vaak dat het gedrag schadelijk is. Maar dat antwoord is een rationalisatie, want bovenstaande voorbeelden zijn onschadelijk in de zin dat er geen leed wordt veroorzaakt en er geen slachtoffers zijn die tegen hun wil in iets moeten doen of ondergaan. De reden die men uiteindelijk tracht te geven, verwijst naar het idee van ‘zuiverheid’. Maar dat is een vaag begrip dat op vele manieren kan geïnterpreteerd worden en daarom niet geschikt is in een rationele ethiek. Bij vele voorbeelden (bv. het niet willen dragen van een hemd dat gedragen werd door een seriemoordenaar) is er sprake van emotionele besmetting en magisch denken. Het blijkt dat conservatief ingestelde mensen meer vatbaar zijn voor morele walging en dat mensen die snel walging voelen bij bv. het zien van uitwerpselen hardere morele oordelen vellen over onschadelijk gedrag. https://en.wikipedia.org/wiki/Disgust#Morality

Natuurlijkheidsvoorkeur (beroep op de natuur, naturalistische dwaling): de neiging om iets als goed (of moreel toelaatbaar) te waarderen indien het natuurlijk is en als slecht (of ontoelaatbaar) indien het onnatuurlijk is. Een voorbeeld zijn de gezondheidsboodschappen op voeding die verwijzen naar de natuurlijkheid van de ingrediënten. Net zoals ‘zuiverheid’ is ‘natuurlijkheid’ een vaag begrip dat op vele manieren kan geïnterpreteerd worden. Het is zeer moeilijk om een eenduidige definitie van natuurlijkheid te formuleren die we consequent kunnen toepassen in alle morele situaties. Een eerste probleem met de natuurlijkheidsvoorkeur is dat het nuttige technologieën en belangrijke maatregelen kan tegenhouden, zoals vormen van genetische manipulatie of veganisme (omdat veganisten B12-supplementen of verrijkte producten moeten gebruiken). Die natuurlijkheidsvoorkeur is vaak inconsistent. Vormen van klassieke plantenveredeling zijn ook onnatuurlijk en horizontale genenoverdracht tussen soorten komt in de natuur wel vaak voor (onze voorouders werden zo al meer dan 100 keer genetisch ‘gemanipuleerd’). De B12-vitamine in een kauwtablet is een natuurlijk molecule dat afkomstig is van natuurlijke bacteriën en de meeste personen hebben geen probleem met het eten van een onnatuurlijk dieet van snoepgoed waardoor ze voor een goed gebit afhankelijk worden van onnatuurlijke tandpasta. Een tweede probleem met de natuurlijkheidsvoorkeur is dat het schadelijk gedrag kan tolereren omdat het in de natuur ook voorkomt. Het gedrag van roofdieren wordt getolereerd omdat het natuurlijk is. En sommige vleeseters beweren dat we vlees mogen eten omdat roofdieren dat ook doen en we van nature carnivoren zouden zijn.

Niet-willekeurige doelen

Men kan ook inconsequent doelen nastreven als er vermijdbare willekeur zit in die doelen.

Oordelen over groepen

Als het doel is om geen slachtoffers te maken, dan mag men niet zomaar naar willekeur een groep van individuen afbakenen die men niet mag schaden. Men mag niet zomaar naar willekeur slachtoffers kiezen. Sommige morele illusies leiden tot discriminatie tussen groepen.

Essentialisme De neiging om entiteiten (bv. individuen of levende wezens) in te delen in verzamelingen, alsof alle elementen van die verzameling een bepaalde essentie of aard met elkaar gemeen hebben, ondanks de variatie tussen de elementen, de vage grenzen van die verzamelingen en de overlap tussen verzamelingen. Zo geloven racisten dat alle blanken een bepaalde essentie bezitten die personen met een andere huidskleur niet hebben. Speciesisten geloven dat alle mensen en alleen mensen een bepaalde essentie bezitten. Deze vormen van essentialisme zijn in tegenstrijd met de evolutiebiologie en de genetica. Alle tussenvormen tussen mensen en niet-menselijke dieren hebben ooit bestaan, net zoals er hybriden tussen soorten kunnen bestaan en net zoals er mulatten tussen blanken en zwarten bestaan. Er is geen eigenschap die alle mensen en alleen mensen bezitten, net zoals er geen eigenschap is die alle blanken en alleen blanken bezitten. Het gevaar van essentialisme is dat het discriminatie in de hand kan werken.  https://en.wikipedia.org/wiki/Essentialism

Outgroup homogeneity bias: de neiging om de onderlinge verschillen tussen individuen die niet tot de eigen groep behoren te minimaliseren, alsof die outgroep een homogene groep is waarin iedereen hetzelfde is. Dit gebeurt vaak door het denken in stereotypen. Een racistische nazi denkt bv. dat alle Joden profiteurs zijn. Het gevaar van deze neiging is dat het discriminatie in de hand kan werken en dat men een fout beeld heeft van vele leden van de outgroep die niet aan het stereotype beeld voldoen. https://en.wikipedia.org/wiki/Out-group_homogeneity

Dit bericht werd geplaatst in Artikels, Blog en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s